MOOC8/15.26
{17740714} 14 Julij 1774
Cornelis de Leeuw
v: Plettenberg
Inventaris van alle sodanige goederen als ab intestato metter dood zijn
ontruijmd ende nagelaten door den oud gezaghebber van den gesloopten hoeker demons:r Cornelis de Leeuw, ten voordeele van
desselfs bij wijlen zijne vooroverleedene huijsvrouw juff:r Jacoba de Waal in
huwelijk geprocreeerde drie minderjarige kinderen, met naamen
Zodanig ende indiervoegen als deselve door de ondergeteekende
gecommitteerde Weesmeesteren zijn geinventariseert en bevonden te bestaan in
het volgende, namentlijk
In een bij den overleedenen te huur bewoonde huijs en aldaar
Sijnde wijders nog het goud en silverwerk tot leijfsgebruijk van den
overleedene en desselfs huijsvrouw gehoord hebbende, bij loting onder de drie
kinderen verdeelt en daar van te beurt gevallen.
Wijders zijn nog in den boedel gevonden eenige aan de volgende kinderen
naar luijd van ieders omschrijving toebehorende goude en silvere pot- en
muntstukjes, namentlijk
Aldus geinventariseert aan Cabo de Goede Hoop den 14:e Julij 1774.
Als gecomm:de Weesm:ren: H: Lesueur, H: P: Möller
Mij preesent: O:G: de Wet, Secret:s
Huijden den 3:e Augustus 1773 heeft den oud burgerraad s:r Andries Brink
opgegeeven dat door den overleeden Cornelis de Leeuw eenige soldij reekeningen,
door zijn vooroverleeden zoon Jan de Leeuw bij d' E: Comp:e te goed gemaakt,
ten bedragen van ƒ703:2, onder couvert van hem s:r Brink aan de heer Willem
Hendriksz:e overgezonden zijn, nevens procuratie en verdere nodig geachte
papieren tot den ontfangst dier maandgelden omme nadat het bedragen daar van
bij de heer Hendriksz:e zullen ontfangen weesen, hetzelve door gem:e s:r Brink
naar aftrek der ongelden weeder alhier uitgekeert te werden.
'T welk ik getuijge: O:G: de Wet, Secret:s
| 1) Hendrik de Leeuw oud 17 jaren |
| 2) Maria de Leeuw oud 14 jaren en |
| 3) Jacob de Leeuw oud 11 jaaren |
| Een huijs en erf, staande ende geleegen in
deese Tafelvalleij , zijnde een gedeelte van de
sogenaamde Schotse Cloof , nader aangewesen bij
't daarvan verleende transport de dato 22:e Junij 1768 |
| een huijs en erf geleegen in deese Tafelvalleij , zijnde een gedeelte van de
sogenaamde Schotse Cloof , Sub No: 3 en meede aangewesen by 't transport
van de dato 22:e Junij 1768 |
| twee [huijs] en [erf] meede als de bijde
voorgaande geleegen in deese Tafelvalleij zijnde een gedeelte van de sogenaamde Schotse Cloof , Sub No: 4 en 5 uijtwijsens het
transport van de dato 22:e Junij 1768 |
In de camer ter regterhand
| twee ophaalgordijnen |
| twee spiegels |
| vier schilderijen |
| twee tafels met haare kleeden |
| twee ronde armstoelen |
| ses stoelen met haare vaste kussens |
| een verrekeijker |
| een cabinet, daar op |
| een stel porcelijne kastpotten, en waarin de nabeschrevene
klederen tot het lighaam van des overleedens vooroverledene huijsvrouw behoord
hebbende, welke ingevolge haare metter dood bekragtigde uijtterste wille aan
derselver in den hoofde gen:e dogter Maria de Leeuw zijn toebehorende, te
weeten |
| een spreij |
| vijf zeijde gonnen in zoort |
| agthien chitse gonnen in zoort |
| agthien vrouwe rokken in zoort |
| seeven vrouwe borstrokken |
| derthien vrouwe cabaaijen |
| een en twintig vrouwe hemden |
| elf waijers |
| een partij kleijnkindergoed |
| twee silvere tasbeugel |
| een goude ring met 7 diamanten |
| een p:r orlietten ieder met 7 diamanten |
| vier p:r goude brasseletten |
| een p:r goude valhoedslootje |
| mitsgaders wijders de volgende linnengoederen, welke bij lotinge
onder de drie gesamentlijke kinderen en erfgenamen verdeeld en daar van aan
ieder het volgende toegevallen zijn, namentl:k |
| aan Hendrik de Leeuw |
| agthien laakens in zoort |
| ses handoeken |
| drie en sestig servietten in zoort |
| twee en dertig sloopen in zoort |
| aan Maria de Leeuw |
| agthien laakens in zoort |
| ses handoeken |
| drie en sestig servietten in zoort |
| twee en dertig sloopen in zoort |
| aan Jacobus de Leeuw |
| agthien laakens in zoort |
| ses handoeken |
| drie en sestig servietten in zoort |
| twee en dertig sloopen in zoort |
| veerthien manshemden, als meede eenige verdere kleederen tot het
lighaam van den overledene gehoord hebbende, welke aan den oudsten zoon Hendrik
de Leeuw zijn afgegeeven, |
| in welkers tegenstelling den tweeden zoon Jacobus de Leeuw genoten
heeft een silver zijdgeweer en dies port d'epees met silver beslag, voorts nog
agt p:r nieuwe koussen in zoort |
| twee guerridons |
| ses wit copere quispedoors |
| een wit copere inktkooker |
| vier wit copere candelaars en |
| twee wit copere snuijters met haare backen |
| een chagrijne doos met 12 versilverde messen en 2 versilverde
vorken |
| twee ledicanten met roode behangsels |
| een bureau, daar in |
| een verlakt omberdoosje |
| een partij naalden en messen |
| een partij naaij zeijde |
| een partij zijde koussebanden |
| een copere winkelhaak |
| een duijmstok |
| een partij stangen lacq |
| een potje saffraan |
| een p:r glaase oogen |
| een slange steen |
| een silvere kurketrekker |
| een p:r silvere kniegespen |
| een partij oud silver |
| een silver signet |
| en in dies laaden |
| vier pakjes met stale knopen |
| drie pakjes met swarte hoornse knopen |
| vijf France gramairen |
| een partij blauw cattoen |
| een partij cameelsgaren |
| een partij naaijzeijde |
| een partij band |
| ses bossen schagten |
| vijfthien pakjes garen in zoort |
| een partij losse garen |
In de camer 's linkerhand
| twee ophaal gordijnen |
| een spiegel |
| vier schilderijen |
| een tafel met een verkeerbord en dies scheijven |
| een vierkante tafel |
| thien stoelen |
| thien stoelkussens |
| een cabinet, daar op |
| een stel porcelijne castpotten |
| en daar in |
| een hoed |
| een aangesnede stuk blauw zaaij |
| een lap van 3 ell: blauw laaken |
| een lap van 4 1/2 ell: blauw laaken |
| een aangesnede stuk blauw droget lang 36 3/4 ellen |
| neegen halve stukken blauwe bafta |
| twee stukken wit grof guinees |
| drie stukken wit grof zijldoek |
| twee lappen wit linnen |
| vijf voerchitsen |
| twee chitsen |
| een lap [chitsen] |
| drie aangesneden stucken samoisen |
| een lap vaderlands bond |
| een stuk blauw zeelas |
| een partij lappen in zoort |
| twee lappen gaas |
| een partij speelcaarten |
| vier staale snuijters |
| een partij schrijfpapier |
| een gestikte voorschoot |
| een partij oude ledicante behangsels |
| een partij boorijsers |
| agt paarde trensen |
| een pakje Berlijns blauw |
| een ritsijser |
| een partij pinsbecke cnopen |
| twee slooten |
| een lessenaar met zijn voet, daar in |
| twee doosjes met brillen |
| twee brillen |
| een brandglas |
| een olijsteen |
| een nageltang |
| twee scharen |
| een pennemes |
| een partij naaijzeijde en garen |
| twee pakjes fijne cammen |
| derthien goude cnopen in zoort |
| een goude valhoed haak |
| een partij oud goud |
| een draagstoel met zijn stokken en banden |
Aan Hendrik de Leeuw
| een p:r goude halsslootjes |
| een p:r goude hemdcnoopjes |
| een goude ring met een sevier |
| een silver sak beugeltje |
| een silver knipcokertje met een cachet van den overledene |
| een p:r silvere schoengespen |
| een silvere snuijfdoos |
| een perlamoure snuijf in silver gevat |
| een rotting met een silver knop |
Aan Maria de Leeuw
| een goud sak horologie |
| een silver snuijfdoos |
| een goude sintuur gesp |
| een goude collier haak met een agaat steen |
| een snuijfdoos met een perlamoure plaat |
Aan Jacobus de Leeuw
| een p:r goude kniegespen |
| een p:r goude hemdcnoopen |
| een silver tabaksdoos |
| een perlamoure snuijfdoos in silver gevat |
| een carette snuijfdoos in silver gevat |
| een silver broekbands gesp |
| een p:r onderbroekscnoopen met agaate steenen |
| een rotting met een silver knop |
In het voorhuijs
| twee tafels |
| drie stoelen |
| een tinne theekeetel |
| een coper confoor |
In de gaanderij
| een spiegel |
| vier schilderijen |
| een staande horologie |
| een steene tafel |
| een ronde stoel |
| neegen stoelen |
| seeven stoelenkussens |
| een rustbank |
| een tafelcasje, waar in |
| een blicke trommel |
| een theekistje |
| een loode tabaksdoos en |
| wat porcelijn |
| vier stooven |
| twee spugbalijs |
| twee copere quispedoors |
In de agtercamer
| een ophaal gordijn |
| thien stoelen |
| thien stoelenkussens |
| twee ledicanten met hare behangsels |
| vijf buldsakken |
| vier peulen |
| thien kussens |
| een combaars |
| een glase cast, waar in |
| ses vlesjes pulvis besoar |
| vijf vlesjes antispasmodicus |
| vijf vlesjes antispasmodicus tegens de scherpte |
| drie vlesjes wonder essens |
| drie vlesjes milt essens |
| drie vlesjes pill: contra obstructiones, en |
| eenige andere flesjes medicijnen meer |
| een Bijbel met coper beslag en zijn cnaap |
In het dispens
| een kist |
| een handstoffer |
| een coper lantaarn |
| een kist met eenige bottels vaderlands bier |
| een kist met eenige leedige bottels |
| een kist met 88 bottels diverse dranken |
| een partij bottels en cannetjes met dranken |
| een bierpijp met azijn |
| een halfaam met wat azijn |
| een ijsere balans met zijn copere schalen en 163 lb copere en
metaal gewigt |
| twee boter vaatjes |
| vier blicke trommels |
| twee balijs |
| twee copere schenkborden |
| een theebalijtje met cop:e hoepels |
| twee copere blakers |
| drie copere candelaars |
| een copere salade emmer |
| twee copere tafelcransen |
| drie copere strijkysers |
| twee copere casserollen |
| twee tinne waterflessen |
| een tinne tregter |
| twee tinne theekeetels |
| neegen tinne schootels |
| een tinne deurslag |
| een tinne soepterine |
| een tinne coffijkan |
| een tinne souscommetje |
| een kelder met ledige flessen |
| sesthien porcelijne schotels in soort |
| ses porcelijne water borden |
| veertig porcelijne borden in soort |
| drie porcelijne commen |
| een porcelijne pot, en voorts |
| een partij porcelijn in zoort |
| een aarde kruijk |
| een partij glaswerk in soort |
In de doorloop na de combuijs
| een huijstrap |
| een pijperak |
| een tobaksmes |
| een blicke nagtblaker |
| een blicke lantaarn |
In de combuijs
| een rak |
| een kast |
| een tinne coffijkan |
| een copere vijsel met zijn stamper |
| een combuijs tafel |
| twee waterhalfamen |
| vier emmers |
| een copere beeker |
| ses ijsere potten in soort |
| een ijsere rooster |
| twee ijsere koekepannen |
| drie ijsere drievoeten |
| vijf ijsere schoorsteenkettings |
| een ijsere asschop |
| een ijsere vuurtang |
| twee copere schuijmspanen |
| een copere deurslag |
| een copere poffertjespan |
| een copere taartepan met zijn deksel |
| vier copere vuurtestjes |
| drie ijsere leepels in soort |
| een ijsere schop |
| een ijsere kapmes |
| een rijstblok met twee stampers |
| een caarsebalij |
| een vleeschblok |
| een oude halfaam |
Op de solder
| een kist, daar in |
| een rol tabak |
| een sak |
| een lap gaas |
| twee stucken kleedjes |
| twee chitse deekens |
| drie ledige kisten |
| een doos met gekorve tabak |
| een catoen haspel |
| een gemak met een porcelijne pot |
| een kist met schoenmakers gereedschap |
| een kist met timmermans gereedschap |
| veertig tonne duijgen |
| drie houtbijlen |
| een mooker |
| een pik |
| een koevoet |
| een oude glase cast |
| twintig zijldoekse sakken |
| een kist, daar in |
| een Huijsbijbel |
| vier boeken in soort |
| twintig strengen zijlgaren |
| ses cijfferlijen |
| drie copere keetels |
| vijf ledige manden |
| een balij |
| een ledige kist |
| een paruijke doos |
| een steenbecken |
| een scheepel |
| seeven coornschoppen |
| een kelder met flessen |
| een partij bindrottings |
| een partij touwerk in soort |
| een verfsteen met zijn loper |
| een coper verlaatcraan |
| drie coper klijne [verlaatcraan] |
| een coffijmolen |
| een coper taartepan met zijn deksel |
| thien aarde kruijken |
| seeven aarde potten in soort |
| een ledige tabaksdoos |
| een wafelijser |
| een blicke bus |
| een doos met wat rommeling |
| een houte tregter |
| een zeeft |
| een ijsere drievoet |
| een coffijbraadpan met zijn staanders |
| twee ijsere koekepannen |
| drie staaven ijser |
| twee ijsere asschoppen |
| een ijsere vleeschfork |
| een kelder met 15 flessen lijn olij |
| een kelder met 1 [flessen] lijn olij en |
| een partij ledige flessen |
| een ijsere pot |
| een kist met wat coffijbonen |
| een tabaksdoos met wat curcuma |
| een graaf |
| twee schoppen |
| twee volgelkoyen |
| een zadel met zijn toebehoren |
| een oude snaphaan |
| twee witquasten |
| seeven zijldoekse sakken met meel |
| twee zijldoekse sakken met garst |
| ses zijldoekse sakken met seemels |
| twee lappen zijl |
| vier cajate planken |
| een hangcasje, daar in |
| eenige boeken in soort |
| ses racken in soort |
| een ovaale tafel |
| een cadel |
| een partij smeercaarsen, en voorts |
| een partij rommeling |
Op de agterplaats
| twee luijsladders |
| een huijstrap |
| een vleesch vat |
| twee bierpijpen |
| vier balijs in soort, en voorts |
| een partij houtwerk en rommeling |
Leijfeijgenen
| een slave jongen gen:t Adolph van de Caab |
| een slave jongen gen:t Pacca van Sambouwa |
| een slave mijd gen:t Camonie van
Bougies |
| Nota: bij den onder de boedel papieren gevondene
inventaris, mitsgaders gemaakte schifting en deeling des gemeenen boedels van
wijlen gem:de mons:r De Leeuw en desselfs vooroverleedene huijsvrouw juffrouw
Jacoba de Waal, sub dato 21:e November 1769, zijn de drie bovengem:e slaven
ongetaxeert gebleeven, als moetende deselve, overeenkomstig het door gem:e egte
lieden in dato 2:e October 1762 opgeregt mutueel testament, zijn en blijven,
ten dienste en ter oppassing van des thans overleedens in den hoofde genoemde
drie minderjarige kinderen; ende sulks tot het mondig werden ofte trouwen van
de jongste toe, waar na het aan de keuse van gem:e leijfeijgenen sal staan, bij
wie van voorsz:e kinderen, deselve willen gaan wonen, die ze dan ook zal hebben
na zig te neemen sonder ooijt door hun te werden veraliëneerd |
| een slave jongen gen:t Solon van
Batavia |
| een slave jongen gen:t Baatjoe van
Sambouwe |
| een slave jongen gen:t Slammat van Bougies zijnde een metselaar | aan Maria de Leeuw |
| een slave jongen gen:t Saron van
Ternate | aan Hend:k de Leeuw |
| een slave jongen gen:t October van
Bougies |
| een slave jongen gen:t April van Bougies |
| een slave jongen gen:t Baatjoe van Malija |
| een slave jongen gen:t Leander van
Bengalen |
| een slave jongen gen:t Achillis van
Madagascar | vide resol: van den 6 Aug:s voorsz:e |
| een slavinne gen:t Constantia van
Mallabaar |
| een slavinne gen:t Diana van
Bantam | aan Jacob de Leeuw |
| een slavinne gen:t Martha van Bengalen met
haar kind Debora van de
Caap | aan Maria de Leeuw |
| een slavinne gen:t Seronie van
Bougies |
Silverwerken
| twee silvere schenkborden |
| een silvere zuijkertrommel |
| een silvere soepleepel |
| twaalf silvere leepels |
| twaalf silvere forken |
| twaalf messen met silvere hegten |
| een kleeder borstel met een silvere plaat |
Contanten in den boedel gevonden
| | Rd:s |
| een somma van agt honderd agt en taggentig rijxdaalders en ses en
dertig stuijvers, segge | 888:36 |
Inneschulden
| | | Rd:s | ƒ |
| | een scheepenkennisse door den burger Daniel Fredrik Leeman
de dato 16:e Maart 1771 verleeden, in capitaal, tegens 5 p:r c:o
interest | | 5000:-- |
| voldaan | een onderhandse obligatie ten lasten den
burger Gerhardus Munnik, de dato 1:e April 1770 a 5 p:r c:o groot aan
capitaal | | 2000:-- |
| voldaan | een onderhandse obligatie door den burger
adjudant Jan Hendrik Munnik gepasseert op den 21 December 1769 tegens 5 p:r c:o
per rest groot aan capitaal | | 5340:-- |
| | een onderhandse obligatie door den oud boekhouder Hercules
Sandenberg op den 1:e Maart 1773 verleden, groot a 6 p:r c:o 's jaars in
capitaal | | 10000:-- |
| | een onderhandse obligatie van den 5:e Maij 1773 ten lasten
van Hercules Sandenberg meede a 6 p:rc:o groot | | 1800:- |
| | een onderhandse obligatie meede ten lasten van gem: mons:r
Sandenberg dato p:o December 1773 a 6 p:r c:o
groot | | 1200:--- |
| voldaan | een onderhandse obligatie door den oud
burgerraad s:r Andries Brink op den 1:e Maij 1764 gepasseert a 5 p:r c:o 's
jaars, groot | | 6000:-- |
| voldaan | een onderhandse obligatie door mons:r Hendrik
de Waal op den laatsten Decemb:r 1773 gepasseert sonder beding van interest,
groot | | 600:-- |
| voldaan | zijnde evengen:e mons:r Hendrik de Waal op een
uijtstaande reekening nog debet | | 262:12 |
| | een custing door den burger Johannes Casparus Holtman op
den 30:e November 1763 gepasseert, groot wegens de tweede ofte laatste paaij
derselve | | 3658:-- |
| | den interest hier op blijkens quitantie voldaan tot 24:e
Jann:e 1774 a 6 p:r c:o |
| voldaan | een onderhandse obligatie ten lasten 's heeren
geweldiger Johannes Jacobus Doeksteen van den 24:e November 1773 a 6 p:r c:o 's
jaars, groot | | 7323:-- |
| | een custingbr: door den burger Daniel Roode op den 14 Maij
1764 verleeden, zijnde thans p:r rest groot | | 4000:-- |
| | een secretarieele obligatie door den burger Ulrig Musscher
op den 11:e Jann:e 1772 gepasseert tegens 6 p:r c:o 's jaars,
groot | | 1500:-- |
| den debiteur Van der Heggen insolvent | een onderhandse
obligatie door den burger Jacobus van der Hegge gepasseert in dato p:o Jann:e
1772 tegens 6 p:r c:o 's jaars, in capitaal | | 300:-- |
| | komt nog als een dubieuse schuld alhier voor memorie, het
geen den burger Bertram Johan Martien Eerhardi wegens een onderhands briefje
per rest schuldig is, ten bedragen van | 60:-- |
| | Nota, den overleeden voor desselfs zoon Hendrik de Leeuw
tot gebruijk bij het horologiemakers ambagt, uijt het vaderland ontboden en
vervolgens betaald hebbende diverse gereedschappen en verdere vereijschtens
welke nog voor het grootste gedeelte in den boedel gevonden, dog aan mons:r
Hendrik de Waal/: bij wien voorn:e Hendrik de Leeuw ter woon zal komen over te
gaan:/ tot desselfs gebruijk afgegeeven zijn, bedragende volg:s gevondene
reekening Hollands ƒ588:2 of | 245:2 |
| | waar en boven door wijlen gem:e mons:r de Leeuw ook voor
desselfs gen:e zoon aan den horologiemaker Jacobus van der Hegge, tot het
leeren van dat ambagt bij voorraad is betaalt | 100:-- |
| | zal oversulx door hem Hendrik de Leeuw uijt desselfs te
beurene erffenispenn:gen dat bedragen moeten in collatie werden gebragt, zijnde
rijxd:s345:2 of | | 1035:2 |
| Somma | | | Rd:s50038:14 |
Lasten des boedels
| | Rd:s | Rd:s | Rd:s |
| aan Arend Munnik weegens desselfs vaders bewijs, ingevolge acte
sub dato 4 Maart 1756 aan handen van wijlen mons:r Jan de Waal de oude en s:r
Johannes van Sittert beweesen | | 416:32 |
| aan Arend Munnik wegens het erfdeel van zijn overledene zuster
Elizabeth Munnik | | 69:16 |
| mitsgad:s tot den inkoop van een zadel met zijn toebehoren, en
verdere burger wapenen | | 100:-- |
| als meede tot het leeren van 't silversmits ambagt, aan den burger
Jan Hasse te voldoen | | 50:-- |
| en eijndelijk wegens desselfs moederlijk erfdeel, uijtgedrukt en
bewesen bij actens de datis 22 November 1769 en 4 October 1770 aan handen van
de mess:rs Carel Albregt Haupt en Hercules
Sandenberg | | 1175:13 |
| tezamen bedragende | | 1811:13 |
| waarop door den overledene is uijtbetaalt |
| de voorsz:e aan den silversmit Hasse
competerende | 50:-- |
| als meede voor een slavejongen , mitsgad:s zadel en toebehoren en silversmits
gereedschappen etc:a volgens door gem:e Arend Munnik gequiteerde
reekening | 425:6 |
| | | 475:6 |
| invoegen voorsz:e Arend Munnik p:r rest nog
competeert | | 1336:7 of | 4008:7 |
| zullende van een capitaal groot ƒ3846:12 ten behoeve van voorsz:e
Arend Munnik, sedert primo Jannuarij 1774 dat denselven bij desselfs broeder
mons:r Jan Hendrik Munnik in 't werk is gegaan, volgens des overleedens
aanteekening den interest moeten werden te goed gedaan |
| aan de drie in den hoofde genoemde kinderen, Hendrik, Maria en
Jacob de Leeuw wegens derselver moederlijke erfportien, ieder rijxd:s 1175:13,
maakende te zaamen | | 3525:39 ofte | 10577:7 |
| Somma | | | Rd:s14585:14 |
Aan Hendrik de Leeuw
| aan mons:r Hendrik de Waal afgegeven, dog door denzelven den 11
Jann:e ter Weescamer overgelevert 1782 den 7: Junij aan denselven volg:s
quitantie afgegeven | twee goude en seeventhien silvere pot en
muntstukjes |
Aan Maria de Leeuw
| aan s:r Andries Brink ter hand gesteld | twee goude en
twintig silvere pot en munt stukjes |
Aan Jacob de Leeuw
| als evengem:e aan s:r Andries Brink | vijf goude en
seeventhien silvere pot en munt stukjes |
Aan Arend Munnik
| den 4 7:ber 1777 aan Arend Munnik ter hand
gesteld | drie goude en vijf en twintig silvere pot en munt
stukjes |