MOOC8/20.39 - ALIDA VAN WIJK, ROESJE VAN BENGALEN, SLAVENJONGEN

Search...
How to Search South African Genealogy
How to Search South African Genealogy

In order to search SouthAfricanGenealogy.com, you will need the correct, exact full names and surname of the individual you are searching for, since we verify records against official sources for accuracy purposes.

In the event you do not have the exact names or surname, we do offer users the opportunity to make use of a Wildcard Search Function, which will allow you to search partial names or surname.

The Wildcard Search

In order to make use of our Wildcard Search function, you can simply make use of the percentage (%) sign when conducting a search.

As an example, you are looking for a Beatrice Smith, but are not sure what her middle names are. In this case, you can enter her name, in the Name field as follow:

Beatrice%
(This will bring up all records where the names start with Beatrice.)

%Beatrice%
(This will bring up all records where Beatrice appear anywhere in the names.)

%Beatrice
(This will bring up all records where the names end with Beatrice.)

This can also be applied to the surname in the Surname field where you are not sure about the spelling of the surname when conducting a search.

🔎 MOOC8 Inventory for Alida van Wijk, Roesje van Bengalen, slavenjongen

MOOC Reference: MOOC8/20.39

Date: 17931202
Names: Alida van Wijk, Roesje van Bengalen, slavenjongen
MOOC8/20.39 {17931202} 2 December 1793 Alida van Wijk Höhne Inventaris van alle soodanige goederen en effecten als ’er op Vrijdag den neegen en twintigsten der maand November des jaars een duijsend zeeven hondert drie en neegentig, des nademiddags de klocke omtrend twee uuren ab intestato metter dood zijn ontruimd en naargelaaten door Alida van Wijk gesepareerde huijsvrouw van den burger Casper Brewis, ten voordeele haarer natenoemene kinderen bij evengemelde Brewis in egt verwekt, genaamt door ons ondergeteekende gecomm: Weesmeesteren opgenomen en ten papiere gebracht en bevonden te bestaan in het volgende, te weeten In een huur huijs van den burger Fredrik Kannemeijer alwaar de overleedene is woonagtig geweest, en aldaar Werdende wijders hier pro memorie bekend gesteld dat in den boedel gevonden zijnde een transport van zeekere slavenjongen door den persoon Pieter Plaasman aan den minderjarige Everhardus Pieter Plaasman bij weege van donatie inter vivos geschonken, dog waaromtrend de oudste zoon Jan Casper Brewis betuijde dan denselven slaaf is koomen te overleijden Wijders dat de paerdewagen en drie bruijne paerden volgens declaratie van den persoon Pieter Hendrik Keultjes aan hem zouden toebehooren, vertoonende een koopbrief waarby blijkt dat door hem van eene Hendrik Schuurman is gekogt een wagen en vier paarden voor rd:130 dan bij nadere ondervraginge ontwaard zijnde dat deselve paerden door hem gekogt reeds lange gecreveert en de paarden zig thans in den boedel bevindende door de overleedene zelfs ingekogt ende betaald zijn en zal dus over ’t een en ander nader moeten worden gedelibereert En eijndelijk dat aan de twee kinderen Willem en Jannetje Dorothea aan ieder een bed met toebehooren zijnde de twee bedden in deesen vermeld, zijn afgegeven als hebbende hunlieden oudste broeder Jan Casper Brewis van zijne overleedene moeder insgelijks reeds een bed ontfangen, zullende voorts den jongste zoon Everhardus Pieter Breewis tot een equivalent van dien uijt den boedel vooruijt moeten genieten eene somma van vijfthien rijxdaalers Aldus gedaan ende geinventariseerd op ten sterfhuise voormeld, op den tweeden dag der maand December zeeven hondert drie en neegentig ende zulx op het op en aangeeven van meergemelden Jan Casper Brewis en den persoon Pieter Hendrik Keultjes voormeld, als zijnde den laatst gemelden bij de overleedene woonagtig geweest en dewelke te samen betuijgden hun daarinne ter goeder trouwe gedragen, en niets versweegen te hebben, dat hunnes weetens tot den boedel en nalatenschap behoorde, onder praesentatie, zulx des gerequireerd werdende ten allen tijde met solemneelen eede te zullen bevestigen en voorts met belofte, indien ’er in der tijd, iets tot den boedel betrekkinge hebbende, nog mogte opdoen zulx nader te zullen opgeven, omme alsdan deesen inventaris daarmeede te kunnen amplieeren Hebbende deselve tot meerder seekerheid van ’t een en ander deesen beneevens ons gecomm: Weesmeesteren ende mij Secretaris eigenhandig gesubscribeert Als gecomm: Weesm:stn: W:J: van Oostersee, A: Berrangé Jan Casper Brewis Dit +++ merk is door Pieter Hendrik Keultjes eigenhandig gesteld Mij present: J: P:r Faure, Secret:s Op den 6 December 1793 is door den in deesen vermelde zoon der overleedene Jan Casper Breewits ter Weekamer opgaaf gedaan, door hem nog nader ontdekt te zijn de volgende goederen tot den boedel behoorende, als Ter Weeskamer aan Kaap de Goede Hoop datum 6 December 1793 P:H: Faure, Secret:s door Willem Breewits ter Weeskamer bekend gemaakt zijnde, dat desselfs broeder Jan Casper Breewits van de contanten des boedels eene somma van rd:s164 had agter gehouden, het welk zijlieden in vier portien verdeeld hebbende, hij daarvan zijn aandeel ter somma van rd:s41 had genooten en ook reeds doorgebragt, mitsgs de overige 3/4 gedeeltens, waarvan de twee jongste kinderen, ieder 1/4 is competeerende, onder desselfs broeder voormeld waren berustende gebleeven, hebben Heeren Weesmeesteren bij derselver resolutie van den 19 Maart ll: besloten d’ aandeelen der voorige twee onmondige kinderen, makende voor ieder rd:s41 ofte te zamen rd:s82, door hem Jan Casper Breewits ter Weeskamer contant te doen inbrengen, omme ter voordeele der twee onmondige bij de Weesboeken te werden ingenoomen, het welk dan ook op heeden is geschuld Cabo de Goede Hoop den 10 April 1794. P:H: Faure, Secret:s

1) Jan Casper, mondig
2) Willem oud 22
3) Jannetje Dorothea oud 14, en mitsgaders
4) Everhardus Pieter Plaasman oud 12 jaaren in onegt verkreegen bij den persoon Pieter Plaasman
In het voor huijs
twee witte ophaal gordijnen
twee spiegeltjes met vergulde lijsten
ses schilderijen
drie blikke blaakers
twee vierkante tafeltjes
vijfthien stoelen in zoort
In de kamer ter linker hand
een witte ophaal gordijn
een spiegel
elff schilderijen in zoort
een hoekrak
een theebaletje met koopere banden
een ledikant met rood behangsel waarop
een bed
een peuluwe
zes kussens en
een chitse kombaars
een ledikant waarop
een bed
twee kussens
een vierkante tafeltje
ses stoelen waarop
ses losse roode trijpe kussens
een kabinet, volgens opgaaf der kinderen toebehoorende aan den bij de overleedene woonagtig geweest zijnden persoon Pieter Hendrik Keultjes, en waarin
de kleederen van de overleedene bestaande in
veerthien rocken in zoort
drie gonnen /:zijde:/
ses hembden
zeeven linne cabaaijtes
vier mutsen
een paar zijde schoenen
vijf waaijers in zoort
een zilvere beugeltas
een paar zilvere gespen
twee goude ringen
twee paaren leedere schoenen ’t welk een en ander op versoek der gesamentlijke twee oudste zoonen aan der overleede eenigste dogter Jannetje Dorothea Brewis is verbleeven, voorts
een rol kooper draat
twee stellen witte beddebehangsel
een witquast
In de gaanderije
een eetens kast
een vierkante tafeltje
een oude rustbank
een koopere theemachine
een verlakte schenkblad en voorts
een partij leed: bottels, flessen en wat rommelarij in zoort
In de agterkamer
een groote opslag eetenstafel
een leed: kiste
twee zitbanken
een stoel
In de kombuijs
drie ijsere schoorsteenkettings
zes ijsere potten in zoort
een koopere kookkeetels
een ijzere koekepan
een ijzere rooster
twee ijzere drievoeten
een ijzere asschop
een ijzere vuurtang
twee water half aamen met een koopere beeker
twee water emmers
een combuijstafel
twee kelders met eenige leed: flessen
een tinne soupkom
drie tinne schotels in zoort
een tinne schenkbord
twintig messen in zoort
zesthien tinne leepels
een tinne soepleepel
twintig vorken in zoort
twaalff porcelaine borden
twee koopere kandelaars
twee ijsere snuijters
een groote kopere leepel
een oud strijkijser
een blikke trommel
Op de zolder
twee koopere koffij kannen
een koopere waschlampet met zijn koopere bak
een koopere vijsel met zijn stamper
een koopere beeker
een koopere taartepan
twee ijzere potten
twaalff porcelain borden
twee porcelain nagtpotten
een rijdzadel met zijn toom
een hondert en vijftig leedige Keulse kannen
dertig leed: flessen en
eenige leed: bottels
een tinne schootel
een seeft
een blikke armblaaker
een rasp
een rolstok
Op de agterplaats
een nieuwe paerdewagen
een huis ladder
drie stukken ebbenhout
een partij steenvormen en voorts
twee oude cafsakken, mitsg:s een partij houtwerk en romm:
een kar
drie brijne paerden
vier paerdetuijgen
Leijf eigenen
een slavejongen genaamt Candappa van Ceijlon
een slavejongen genaamt Maij van Mosambicque
een slavemeid genaamt Roesje van Bengalen met haar kind genaamt Daniël van de Caab
een slavemeid genaamt Renijntje van Madagaskar
Contanten
eene somma van vier en sestig rijxdaalers en dertig stuijvers
Dubieuse inneschulden
 Rd:s
Floris Davids op een onderh: briefje25:--
Johanna Zeegeler op een onderh: briefje over geleende contanten26:--
Johanna Zeegeler over twee maanden huijshuur50:--
waarvoor zig bij onderh: briefje d:d: 13 Aug:st 1792 als borg heeft geinterponeert den burger Fredrik de Jager
den soldaat Uijthuijsen volgens aanteekening17:6
Herman Claassen op een specificque reek:33:36
een porcelaine schootel
een strijkijser
een buldzak
twee kussens
een combaars
twee houte blokken
een chaistuijg
een kelder met leed: flessen
een coffijmoolen
twee blikke trommels
twee beijlen
vier ijsere braad pannen
een palies mantel, dewelke almeede tot der overleedene lighaam heeft behoord en door haar is gedragen geworden, en benevens d’ hiervooren gemelde kleederen aan d’ eenigste minderjarige dogter Jannetje Dorothea Breewits is verbleeven
twee goude horologies waar van volgens declaratie der erfgenamen, de eene aan evengem: Jannetje Dorothea en d’ andere aan Everhardus Pieter Breewits door wijlen hunne moeder zijn geschonken, en dus tot hun mondig worden ter Weeskamer voor hun zijn in bewaaringe genoomenhet horologie Jannetje Dorothea Brewits toekomende is op den 24 December 1795 aan haren man G:A:C: Siedeman afgefeeven; den 6 Julij 1804 is het hier nevengem: horologie aan E:P: Plasman afgegeeven ingevolge Weesm: resolutie van den 2 Maij 1804

← Back to Records