MOOC8/35.20
{18190522} 22 May 1819
Johanna Arnoldina
Voltelen
Inventaris van alle zodanige goederen en effecten als ’er op Dingsdag
den achttiende dag der maand May in den jaare onzes Heeren een duizend acht
honderd en negentien ’s avonds de klokke tien uuren metter dood zyn ontruymd
ende nagelaten door juff:w Johanna Arnoldina Voltelen wed:e Jan Meinhard
Cruijwagen, hebbende de overledene by testament in dato 6 April den jaars 1818
voor den notaris publiek m:r Jacobus Petrus de Wet en getuigen opgericht, na
vooraf eenige legaten besproken en differente beschikkingen gemaakt te hebben,
tot haare eenige en universeele erfgenamen genomineerd en geinstitueerd haare
beide kleinzoons in namen
en by vooroverleeden van een of beide hunner, gesubstitueerd, haren
schoonzoon Philippus Albertus met dien verstande nogthans, dat de jaarlykse
renten uit de erffenisse te proflueeren door evengemelden haren schoonzoon P:
Albertus zullen worden genoten tot zoo lange de jongste der voorm: kleinzoons
den ouderdom van 25 jaren zal hebben bereikt, terwijl de overledene tot
executeuren van voorsz: haare testamente zo meede tot voogden over hare
natelatene minderjarige erfgenamen en legatarissen heeft verzogt benoemd en
aangesteld het Eerwaarde Collegie van Heeren Weesmeesteren dezer Colonie.
Invoegen deselve goederen en effecten door ons ondergetekende
gecommitteerde Weesmeesteren zyn opgenomen en geinventariseerd mitsg:s bevonden
te bestaan in het volgende, te weeten:
In het evengem: huis en aldaar
Omtrend welke schuld de overledene by hare uitterste wils dispositie heeft
verklaard hare begeerte te zyn dat het capitaal aan hem Falk en by zyn
overleijden aan zijne weduwe zonder eenige zekerheid daarvoor te stellen op
renten zal worden gelaten tot zoo lange het jongste kleinkind van de overledene
zijne mondige jaren zal hebben bereikt, en dat in cas van vooroverleiden aan
Falk en zyne echtgenote dit capitaal dadelyk zal moeten werden opgebracht.
Terwyl door den heere D:G: Anosie aan gecommitteerdens onder anderen is
geproduceerd een briefje door de eige kennelyke hand van de overledene
geschreven, woordelyks luidende:
Truitje Lief ik doe u de dertien hondert rd:s met de rente, die Falk my
schuldig is present, den 17 April 1819
U liefhebbende tante /get/ J: Cruijwagen
Aldus na gedane ontzegeling geinventariseerd aan de Kaap de Goede Hoop ten
huise voormeld op den 22 May 1819.
Als gecomm: Weesmeesteren: A:V: Bergh, A: v: Breda
Mij present: J:P: Faure, Secret:s
| Fredrik Johannes Meindert en |
| Johannes Meindert Albertus |
| Een huis en erf staande en gelegen in dese Tafelvalley in de Pleinstraat en aldaar een gedeelte der gedeelde N:s 5 en 6 groot in zynen grond 13 quadraat
roeden, 113 quadraat voeten en 92 gelyke duimen |
In het voorhuis
| een kloklantaarn |
| een draagstoel met stokken en banden |
In de voorkamer ter regterhand
| twee jalousiematten |
| een chitze gordyn |
| een stinkhoute tafel |
| twee spiegel tafeltjes met steene bladen |
| twee spiegels met vergulde lysten |
| een kleine ronde tafeltje |
| vier leuningstoelen met rode trype zittings |
| twaalf ordinaire leuningstoelen met rode trype zittings |
| een bureaux met koper beslag, door de overledene by voors:
testamente gelegateerd aan haren kleinzoon Fredrik Johannes Meindert Albertus,
en daarin |
| een nieuwe echte witte tjaal gelegateerd aan Anna Elizabeth Anosi
gehuuwd aan Jan van Lier |
| een kaarsen scherm |
| een schaar |
| eenig rommeling |
In de voorkamer ter linkerhand
| twee jalousie matten |
| een chitze gordyn |
| een spiegel met vergulde lyst |
| een theekistje |
| een witkopere handquispedoortje |
| twee leuningstoelen met rode trype zittingen |
| zes ordinaire stoelen met rode trype zittingen |
| een stinkhoute kabinet waarin |
| primo) de klederen en gemaakt linnengoed als |
| achttien tabbaarts in zoorten |
| zes en twintig rokken in zoort |
| vyftien hembden |
| zeventien kabaatjes |
| negen borstrokken |
| drie vrouwenbroeken |
| zeven en twintig dassen |
| elf mutzen |
| zes p:r schoenen |
| acht zakken |
| een en veertig doeken in zoort |
| drie voerchitze tjaals |
| een zwarte castoor hoed |
| een zwarte kripse hoed |
| twee p:r handschoenen |
| een chambreeltje |
| omtrend welke klederen de overledene by voorsz: haare testamente
heeft verklaard haare begeerte te wezen dat, die door haar dagelyks zyn
gedragen geworden tusschen haare vrytegevene slavinnen Sithea Roosje en Silvia,
mitsg:s de vrye vrouw Marie zullen moeten worden verdeeld, terwyl alle overige
klederen, stukken en gemaakt linnengoed tot haar dragt en lyf gehoord hebbende
of daartoe bestemd geweest zijnde tusschen haare twee zusters kinderen,
Geertruyda Susanna Anosi gehuuwd aan Falk en Anna Elizabeth Anosie gehuuwd aan
Van Lier in twee equale deelen des noods by lotinge zullen moeten worden
verdeeld en afgegeven |
| secundo) het gemaakt tafel en beddegoed als |
| acht en veertig lakens |
| twee en veertig slopen |
| zeven en veertig handdoeken |
| een honderd en negen servietten |
| als hier vorengezegd gelegateerd aan Philippus Albertus, en aan
hem afgegeven |
In de gaanderij
| een staand horologie |
| een spiegel met vergulde lyst |
| een klaptafel |
| een laatafel waarin |
| een kleine kopere ketel |
| vier geelkopere kandelaars |
| twee snuyters met bakjes |
| twee blakers |
| een yzere confoir |
| een olie en asyn stander |
In een muur kastje
| drie bierglasen |
| acht kelkjes |
| twee confyt glaasjes |
| een koelbakje |
| een groote glas met dekzel |
| twee aarde melkpotjes |
| een aarde beker |
| twee aarde trekpotten |
| een aarde boterpot |
| vier aarde zuykerpotjes |
| een aarde lampet en kom |
| een aarde schotel |
| zes aarde borden |
| negen aarde kopjes en pierings |
| een mosterd potje |
| een blikke tregter |
| vyf ledige bottels |
In de dispens
| drie blikke trommels |
| zeven schotels |
| een lantaarn |
| een porcelaine boterpot |
| een aarde schotel met dekzel |
In de bovenkamer n:o 1
| zes schilderyen |
| twee vierkante tafeltjes |
| vyftien stoelen in zoort |
| drie stooven |
| een kabinet op pooten |
| een sleutelkistje |
| twee kleine mandjes |
| een stinkhoute kadel |
| twee beddens met hun toebehooren by meermelde testament
gelegateerd aan P: Albertus en aan denzelven afgegeven |
In de bovenkamer n:o 2
| zes schilderyen |
| een tafel |
| twee stoelen |
In de bovenkamer n:o 3
In de bovenkamer n:o 4
| een verlakte theemachine |
| een verlakte schenk blad |
| vyf blikke trommels |
| een verlakte theedoos |
| twee blikke castrollen |
| een blikke rasp |
| een tinne trekpot |
| een tinne tregter |
| vyf potten in zoort |
| vier mandjes |
| twee strykijzers |
| een party bottels met een restant asyn |
| een soepterrine |
| een kleine soepterrine |
| twee en twintig schotels |
| vyf water borden |
| een salade bak |
| een saus potje |
| acht borden |
| een boterpotje |
| een kom |
| een theebus |
| een aarde vuurtestje |
| een mandje met zout |
| een kist waarin |
| een kloklantaarn |
In de kombuijs
| een waterhalf aam |
| twee emmers |
| een tafel |
| een pottebank |
| drie ysere potten |
| een rooster |
| twee schoorsteenkettings |
| twee drievoeten |
| een vuurtang |
| een schuimspan |
| een kapmes |
| een kopere waterketel |
| een kopere vyzel en stamper |
In het pakhuijs
| twee kopere taartepannen |
| twee kopere schalen met balancen |
| een kopere quispedoor |
| een kopere confyt ketel |
| een kopere glazenspuit |
| een huijstrap |
| een vuurtang |
| twee balies |
| een blikke trommel |
| drie oude manden |
| twee huijs ladders, voorts |
| eenig rommeling |
Zilverwerk
| twee schenkborden |
| een melkkan |
| een zuijkerpotje |
| twaalf eet lepels |
| derthien vorken |
| zeven theelepeltjes |
| twee confijtvorkjes |
| welk zilverwerk door de overledene by haare voorsz: testamente is
vermaakt aan P: Albertus, en aan denselven afgegeven |
Lijfeigenen des boedels
| een jongen gen:d Jeptha van Batavia oud 49
jaren, kok |
| een jongen gen:d Damon van de Kaap oud 3,
huisjongen | door de overleedene by hare meergem: uitterste wils
dispositie gelegateerd aan haren schoonzoon P: Albertus |
| Silvia van de Kaap oud 27 jaren,
huismeid |
| Citi van
de Kaap oud 23 jaren, huismeid |
| Atia van
de Kaap oud 18 jaren, huismeid |
| Fita van
de Kaap oud 10 jaren |
| Maria
van de Kaap oud 9 jaren |
| Willem
van de Kaap oud 3 jaren |
| Arnoldus van de Kaap geboren in Juny 1818
uit de slavin Silvia |
| omtrend welke slavinne Sitea en hare kinderen en
kindskinderen de overledene by voorsz: testamente heeft verklaard, hare wil en
begeerte te zijn, dat dezelve terstond na haar overleyden met believen der hoge
overigheid ten kosten hares nalatenschaps in vrydom zullen moeten worden
gesteld |
| een jongen gen:d Coridon van de Kaap oud
24 jaren, huisjonge, door de overledene by voorsz: testamente gelegateerd aan
zyne moeder voorm: Sitea, ten einde haar te dienen levenslang, en onder die
mits nog, dat zoo het mogte gebeuren dat hij Coridon volgens het oordeel der
Weeskamer zich wel gedragen heeft hij als dan insgelyks na de dood van zyne
moeder ten kosten des boedels zal moeten worden geëmancipeerd |
| een meid gen:d Roosje van Madagascar oud 49 jaren, huismeid, omtrend welke de overledene by voorsz: testamente
almede heeft verklaard te begeeven, dat dezelve terstond na haar overleiden en
ten kosten harer nalatenschap in vrydom zal worden gesteld |
Crediten des boedels
| | Rd:s |
| aan contanten in Kaapsch papiere munt de somma van twintig
ryksd:s | 20:-- |
| van den heere P: Albertus op een schepenenkennis d:d: 9 Maart 1810
groot aan capitaal ƒ55000 ofte | 18333:16 |
| van Christiaan Freislew op een onderhandsche obligatie de dato
primo Maart 1811 groot aan capitaal | 700:-- |
| met de renten zedert [ ..... ] |
| van Alexander van Breda op een onderh: obligatie de dato 17 April
1811 aan capitaal ƒ3000 ofte - den 16 July 1819
voldaan | 1000:-- |
| met de renten zedert [ ..... ] |
| van Jan Adriaan Hendrik Falk op een onderh: obligatie d:d: 16
Septbr 1816 groot aan capitaal | 1300:-- |
| | Rd:s |
| van David George Anosie over het saldo der rekening onder den 20
deser gesloten | 98:12 |
Disperate inneschuld
| | Rd:s |
| van Nicolaas van Wieligh over zoo veel door de overleedene aan den
heere Van der Sande voor borgtogt is betaald | 1153:16 |
| met de renten zedert den 4:e Juny 1796 |
Lasten des boedels
| | | Rd:s |
| | aan de volgende over zoo veel door de overledene by hare
voorsz: testamente aan hun is gelegateerd als |
| | aan den heere Philippus Albertus ƒ10,000
ofte | 3333:16 |
| | aan Willem Otto Falk, Cornelia Eliz:h Falk en Helperus
Ritzema van Lier aan ieder ƒ3000 ofte aan alle te
zamen | 3000:-- |
| voldaan 24 January 1820 | aan Amilie de somma
van | 100:-- |
| voldaan den 10 Aug:s 1819 | aan de vrye vrouw
Marie | 50:-- |