MOOC8/36.25
{18211119} 19 November 1821
Christiaan de Jager ,
Johanna
Catharina Elisabeth Wathuizen
Inventaris van alle zoodanige goederen en effecten, als er in den
achtermiddag van den 16 dezer loopende maand November 1821 ab intestato metter
dood zyn ontruimd en nagelaten door Christiaan de Jager, omtrent 61 jaren oud,
geboren te
Hanover nalatende tot zyne
erfgenamen zyne met hem in gemeenschap van goederen getrouwd geweest zynde
huisvrouw Johanna Catharina Elisabeth Wathuizen ter eenre, en het by haar in
huwelyk verwekt kind, gen:d
Zoodanig als deze nalatenschap door my ondergeteekende Klerk der Weeskamer
op last van den Secretaris der voorsz:e Kamer in tegenwoordigheid van getuigen,
na gedane ontzegeling is opgenomen en in geschrifte gebragt, en bevonden te
bestaan in het navolgende
In een huurhuis van Daniel Fock in de
Ziekedwars
Straat N:o 4 , alwaar de overledene woonagtig is geweest en aldaar
Aldus geinventariseerd ten huize voorsz:e op den 19:de November 1821, ende
zulks op het op en aangeven van de in den hoofde dezes gemelde weduwe, dewelke
verklaarde zich hierinne ter goeder trouwe gedragen en met haar weeten niets
verzwegen te hebben dat tot voorsz:e boedel is behorende, met verdere belofte
om zoo zy hierna nog iets mogte ontdekken tot deze nalatenschap specterende,
daarvan ter Weeskamer getrouwelyk nadere opgaaf te zullen doen, ten einde dezen
inventaris daarmede te amplieren. Weshalven zy dan ook getuigde de
deugdelykheid harer opgave des vereischd wordende ten allen tyde met
solemneelen te zullen staven.
Als getuige: J:J: Herholdt
Voor den opgaaf: Dit merk + is door de weduwe als niet kunnende schryven
in plaatse harer naamteek:g eigenhandig neder gesteld
My present: F:S: Watermeyer, G: Klerk
Aldus g’emplieerd ter Weeskamer aan de Kaap de Goede Hoop op den 30
Novemb: 1821 ende zulx op het op en aangeeven van Arend Pietersen, dewelke
verklaarden zig hierinne ter goeder trouwe gedragen en zyn’s wetens niets
verzwegen of terug gehouden te hebben van al het geen tot voorm: boedel
behoord, invoegen hy dan ook betuigde de deugdelykheid zyner opgaave ten allen
tyde des vereischt werdende met solemneele eede te zullen staven, en verdere
belofte zoo hierna nog iets tot gem: nalatenschap behoorende mogten worden
ontdekt daarvan nader en getrouwlyk ter Weeskamer opgaaf te zullen doen ten
einde deezen inventaris daarmede nader kan worde g’amplieerd.
In teeken der waarheid is deeze ter presentie van ons gecomm: Weesm: ende
my Secretaris door gem: Pietersen eigenhandig onderteekend
Als gecomm: Weesm: [ ..... ]
| Johannes Wilhelm Christian de Jager oud omtrent 27 maanden,
mitsg:s |
| zoodanig kind als waarvan de weduwe opgeeft zich thans zwanger
te gevoelen |
In een winkel kamer
| een kleine vierkante tafel |
| vier gematte stoelen |
| een houte toonbank met laden waarin kleine restanten zuiker, ryst,
tamerinde, sago, etc:a |
| een stinkhoute ledikant met |
| een veeren bed en vier kussens |
| twee combaarsen |
| acht wit aarde diepe borden |
| zeven aarde commetjes in soort |
| een wit aarde water pot |
| drie tinne tobak’s dozen in soort |
| twee hangsloten |
| twee borstels |
| een cyfer ley /defect/ en |
| voorts eenige prullen |
| een kist waarin |
| twee lakensche rokken in soort |
| een lakensche jas |
| drie lakensche broeken in soort |
| vyf linnensche broeken in soort |
| twee flennelsche onder broeken |
| zeven onderbaatjes in soort |
| vier boven baatjes in soort |
| twee lyfbanden flennel |
| twee flennel baatjes |
| zes hembden |
| zes paaren koussen in soort |
| twee chitze nacht cabayen |
| twee zwart zyden doeken |
| een hoede doos met een mans hoed |
| een paar schoenen |
| een ruige cap |
| een Luthersch gezangboek |
| twee wandel rottings waarvan een met zilver gemonteerd |
| een bundel van negentien zilvere knoopjes |
| en voorts eenige quitanties en andere papieren en prullen |
In het voorhuis
| een peper molen defect en |
| eenige prullen |
In een agter kamer ter linkerhand
| een azyn’s haalfaam met zyn bok |
| een restant bruine zuiker |
| een zak met zuiker |
| een restantje soep ryst |
| een loodje tobak’s doos met een restant tobak |
| een yzere balance met twee kopere en een yzere schaal en een
weinig gewigt |
| twee paar oude laarsen |
| een oude genevre kelder met eenige vlessen |
| een blikke lantaarn |
| twee oude blikke trommels met een restant boontjes |
| een tobaks mess |
| een houte pak kist |
| een jalousie mat |
| een kistje waarin de klederen van de weduwe |
| een kistje waarin de klederen van het kind |
| een restant zout |
| en voorts eenige prullen |
| een rotting met een degen |
| een zaag en een wit kwast |
In de keuken
| een emmer |
| een water half aam |
| een tafel |
| drie yzere kookpotten |
| vier blakers |
| een pot lepel |
| een pan |
| twee drie voeten |
| een rooster |
| een combuis haak |
| een schoorsteen ketting |
| een vuurtang |
| een asch schop |
| twee water ketels |
| een grote water beker |
In de agterplaats
| een party nieuwe bezems |
| een kleine tafel |
| een schepel |
| een balie |
| een balast mand |
In een pakhuis
| een koffy molen |
| een restant houts koolen |
| een restant brand hout |
| een vlees blok |
| voorts eenige prullen |
Crediten des boedels
| | Rd:s |
| een aandeel in het taphuis door zekeren Arend onder het Comedie
Huis op de Boeren Plein gehouden wordende,
zonder dat de weduwe nogtans opgeven kan hoe groot het bedragen van dat aandeel
of hoe de rekening van haren overledenen man met gez:e Arend
staat | [ ..... ] |
| van Johannes Fryling volgens eene quitantie in ’s overledenens
zak boek gevonden - op reek:g van | 22:3 |
| van zekere meid Pamela over eene quitantie in ’s overledenens
zak boek gevonden | 11:-- |
Lasten des boedels
| | Rd:s |
| aan Daniel Fokke voor twee maanden huishuur tot den laatsten dag
dezer maand | 60 |
| aan de weduwe Lippert voor contant geleende | 20 |
Ampliatie
| twee tafels |
| een bank |
| een rustbank |
| twee ankervaatjes |
| twe groote kannen |
| agt kannen |
| zestien bottels |
| vyf kelder vlessen |
| twee halve vlessen |
| agt wit aarde kommetjes |
| zes glazen |
| drie kelkjes |
| zes blikke beekers |
| een waterhalfaam en kopere beeker |
| een vaatje |
| een ladder |
| twee roode doeken |
| vier kruisbanden |
| vier pakjes gaaren |
| zeven en dertig strengen gaaren |
| twe pakjes spelde |
| een en half pakje muszen band |
| een bankje |
| zeven mudde zakken |
Crediten des boedels
| | Rd:s |
| van Jan Nyg, in de Slaven Loge te vorderen | 5 |
| van Fredrik Lemkuiler | 8 |
Lasten des boedels
| | Rd:s |
| aan [ ..... ] de kuyper | 9 |